Een korte geschiedenis van de Nobelprijs voor de Literatuur

Voor nieuwsgierigen: waar de beroemdste literatuurprijs ter wereld vandaan komt en hoe hij werkt.

Het testament van Alfred Nobel (1895)

Alfred Nobel (1833–1896), Zweeds scheikundige en uitvinder, werd rijk met dynamiet en had meer dan 350 octrooien. Op 27 november 1895 tekende hij in de Zweeds-Noorse Club in Parijs zijn laatste testament: het grootste deel van zijn vermogen moest elk jaar degenen belonen die de mensheid ‘het grootste nut’ hadden gebracht op het gebied van natuurkunde, scheikunde, fysiologie of geneeskunde, literatuur en vrede. De literatuurprijs was bedoeld voor wie ‘het meest uitmuntende werk in idealistische richting’ had geschreven – een vage formulering die de Academie al meer dan een eeuw interpreteert.

Van testament tot eerste prijs (1896–1901)

Nobel stierf op 10 december 1896 in Sanremo, Italië. Het testament verraste zijn familie, die het aanvocht, en de executeurs hadden jaren nodig om het uit te voeren. In 1900 werd de Nobelstichting opgericht en in 1901 werden de eerste prijzen uitgereikt. De eerste literatuurprijs ging naar de Franse dichter Sully Prudhomme; dat Tolstoj werd gepasseerd, werd de eerste grote controverse.

Wie kiest en hoe

De Zweedse Academie, opgericht in 1786, met 18 voor het leven gekozen leden, neemt het besluit. Voordragen mogen haar leden en die van vergelijkbare academies, hoogleraren literatuur en taalwetenschap, eerdere winnaars en voorzitters van schrijversorganisaties. Niemand mag zichzelf voordragen. In de zomer brengt het Nobelcomité de lijst terug tot ongeveer vijf finalisten en in de herfst stemt de Academie. Voordrachten blijven 50 jaar geheim. De winnaar wordt begin oktober bekendgemaakt en ontvangt de prijs op 10 december, de sterfdag van Nobel, in Stockholm.

Weigeringen, jaren zonder prijs en schandaal

Twee schrijvers weigerden: Boris Pasternak in 1958, gedwongen door de Sovjetautoriteiten, en Jean-Paul Sartre in 1964, uit eigen beweging. In 1914, 1918, 1935 en van 1940 tot 1943 werd geen prijs uitgereikt. In 2018 dwong een schandaal binnen de Academie tot uitstel; in 2019 werden twee winnaars bekendgemaakt: Olga Tokarczuk (2018) en Peter Handke (2019).

Enkele cijfers

Sinds 1901 zijn 119 literatuurprijzen toegekend aan 123 schrijvers; de prijs werd maar vier keer gedeeld (1904, 1917, 1966 en 1974). Anne Carson is de 19e vrouw die de prijs wint. Tegenwoordig bedraagt de prijs 11 miljoen Zweedse kronen.

Bekijk alle winnaars sinds 1901 en hun boeken →